De mystieke zijde van de nettolijfrente

Een nettolijfrente kan zowel in de tweede pijler (arbeidsvoorwaardelijk) als in de derde pijler (privévoorziening) tot stand komen. Maar als we het hebben over de nettolijfrente in de tweede pijler, waarom noemen we het dan niet gewoon nettopensioen? Klijnsma heeft daar een duidelijke mening over. Nou ja, duidelijk…??

Met wetsvoorstel 33.847, de "Novelle", is de nettolijfrente in de derde pijler geïntroduceerd. Naast deze Novelle is er nog een ander wetsvoorstel: de Verzamelwet pensioenen 2014 (kamerstuk 33.863). Op grond van dit wetsvoorstel wordt het mogelijk gemaakt de nettolijfrente óók als tweedepijlerproduct te sluiten. In de nota naar aanleiding van het nader verslag bij de Verzamelwet pensioenen 2014 zegt Klijnsma hierover het volgende:

‘De netto lijfrente wordt in de tweede pijler uitgevoerd als pensioen in de zin van de Pensioenwet. Dat betekent dat in beginsel de gehele Pensioenwet van toepassing is, tenzij de voorwaarden van vrijwilligheid en fiscale hygiëne zich daartegen verzetten. […] Voor de fiscale facilitering gelden de voorwaarden van de Wet IB 2001.'

Wat betekent dit nu eigenlijk. Op de nettolijfrente in de tweede pijler is dus én de Pensioenwet van toepassing én de Wet IB 2001. Bijt dit elkaar dan niet? Zomaar wat vragen:

  • Mag een nettolijfrente in de tweede pijler worden vormgegeven als een hoog/laag-lijfrente? Ja zegt de Pensioenwet; nee zegt de Wet IB 2001.
  • Mag de nettolijfrente in de tweede pijler ook tijdelijk uitkeren? De Pensioenwet staat hieraan in de weg; de Wet IB 2001 laat een tijdelijke nettolijfrente wel toe.
  • Mag je een aanspraak op nettolijfrenten in de tweede pijler afkopen? Nee zegt de Pensioenwet; ja zegt de Wet IB 2001, zij het dat er dan een fiscale sanctie volgt.
  • Mag je shoppen met een nettolijfrenteaanspraak in de tweede pijler richting een derde pijler-uitvoerder en omgekeerd? Dus bijvoorbeeld van een pensioenfonds naar een bank. Pensioenwet én Wet IB 2001 staan hieraan in de weg, maar eigenlijk zou het toch moeten kunnen (vind ik).
  • Valt de nettolijfrente in de tweede pijler onder de werking van de Wet Verevening pensioenrechten bij scheiding  (Wet VPS)? Voorzichtig concludeer ik dat dit het geval is. Maar als de hierboven genoemde shopmogelijkheid er zou zijn, is ontduiking van de Wet VPS wel heel erg gemakkelijk.

Eén vraag is wel met absolute zekerheid te beantwoorden: mag de nettolijfrente ook in eigen beheer worden uitgevoerd? Het antwoord hierop: nee! Als de nettolijfrente als derdepijlerproduct wordt uitgevoerd zijn de toegelaten uitvoerders banken en verzekeraars. Als het product als tweedepijlerproduct wordt uitgevoerd is de Pensioenwet van toepassing en is eigen beheer eveneens verboden. Geen eigen beheer dus, maar die andere vragen – en vele anderen – zullen nog wel beantwoord moeten worden. Afwachten maar.

U moet inloggen om te kunnen stemmen op dit artikel.
Gemiddelde (0 Stemmen)
De gemiddelde waardering is 0.0 sterren van de 5.

0 reacties
Nog 1500 karakters
Ruben Stam
Ruben Stam is fiscalist en pensioenjurist. Hij staat adviseurs bij in hun advisering rondom financiële producten, zoals (dga-)pensioen, lijfrenten, hypotheek en ontslagvergoedingen. Van zijn hand verschijnen regelmatig fiscale en juridische publicaties over de genoemde onderwerpen. Meer lezen