Krantenbezorger geniet resultaat uit overige werkzaamheden

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt in hoger beroep dat het niet de taak van de belastingrechter is om een oordeel te vellen over de aanvaardbaarheid van de hoogte van de beloning en van de overige arbeidsvoorwaarden. De heer X stelt vergeefs dat het verbod op slavernij en dienstbaarheid (art. 8 IVBPR) wordt overtreden. De Hoge Raad oordeelt dat de middelen of klachten niet tot cassatie kunnen leiden (art. 81 Wet RO).

Belanghebbende, de heer X, bezorgt in 2013 kranten voor twee uitgevers. De inkomsten daaruit zijn niet vermeld in zijn IB-aangifte over dat jaar. In geschil is of de inspecteur deze inkomsten terecht heeft aangemerkt als resultaat uit overige werkzaamheden en aldus heeft belast. X stelt dat de inkomsten loon uit dienstbetrekking zijn. Volgens Rechtbank Gelderland is X echter niet verplicht persoonlijk arbeid te verrichten en is ook geen sprake van een gezagsverhouding. Dit volgt uit de met de uitgevers overeengekomen voorwaarden. Aangezien ook geen sprake is van een fictieve dienstbetrekking of van IB-ondernemerschap, zijn de inkomsten terecht belast als resultaat uit overige werkzaamheden. X stelt in hoger beroep dat krantenbezorgers worden uitgebuit en dat zij de voorwaarden van de uitgevers wel moeten accepteren.

Hof Arnhem-Leeuwarden (MK IV, 26 september 2017, 16/01104 en 16/01105, V-N 2017/60.1.1) oordeelt dat het niet de taak van de belastingrechter is om een oordeel te vellen over de aanvaardbaarheid van de hoogte van de beloning en van de overige arbeidsvoorwaarden. X stelt vergeefs dat het verbod op slavernij en dienstbaarheid (art. 8 IVBPR) wordt overtreden. De Nederlandse arbeidswetgeving, waaronder die over de arbeidsovereenkomst, beschermt namelijk juist de sociaal-economisch zwakkeren. De arbeidsverhouding tussen X en de uitgevers is een overeenkomst van opdracht en de inkomsten zijn dus terecht belast als resultaat uit overige werkzaamheden. Het beroep van X is ook voor het overige ongegrond.

De Hoge Raad oordeelt dat de middelen of klachten niet tot cassatie kunnen leiden (art. 81 Wet RO).

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Wet inkomstenbelasting 2001 3.90

Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten 8

Burgerlijk Wetboek Boek 7 610

Wet op de loonbelasting 1964 2

Wet op de loonbelasting 1964 1

Wet inkomstenbelasting 2001 3.81

Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 2c lid 1

Wet op de loonbelasting 1964 4 lid onderdeel 4

U moet inloggen om te kunnen stemmen op dit artikel.
Gemiddelde (0 Stemmen)
De gemiddelde waardering is 0.0 sterren van de 5.

0 reacties
Nog 1500 karakters

Opinie

Sinds 1990 heeft de wetgever jarenlang met limiteringen...
In 1992 is de Brede Herwaardering I in werking getreden. Drie...
Het debat betreffende AI in de rechtspraak moet nu worden...
De verschillende benaderingen – ‘deferred taxation' en...
De Staatssecretaris van Financiën houdt er rekening mee dat de...

                   

Procedures melden

Heeft u een fiscale procedure gevoerd en is deze zaak nog niet gepubliceerd op rechtspraak.nl? Stuur uw procedure naar de redactie!