Déjà vu

Daar gaan we weer. Afgelopen weekend werd weer een hele serie documenten openbaar over allerlei bedrijven en vermogende particulieren die op legale of illegale wijze belasting hebben bespaard. Na Lux Leaks, Bahama Leaks en de Panama Papers hebben we nu dus de Paradise Papers. De namen zijn net zo klinkend als de constructies waarvan de particulieren en bedrijven zich bedienen.

De komende weken zullen wij weer worden overspoeld met artikelen in de dagbladpers en programma's op radio- en tv, waarin uit de doeken zal worden gedaan hoe bekende bedrijven en vermogende particulieren, liefst met naam en toenaam, belasting besparen. En weer zullen we er schande van spreken. En al die documenten laten steeds hetzelfde zien. Particulieren en bedrijven besparen belasting. Poeh, poeh, wat een nieuws. Want laten we het gewoon ronduit toegeven: Niemand, ook u niet, wil graag belasting betalen. En als het dan toch moet, zo min mogelijk.
 
Belastingbesparing, of zo u wilt belastingontwijking, is van alle tijden. In de achttiende eeuw metselden particulieren hun ramen al dicht om vensterbelasting te besparen. Of ze vernietigden een of meer hun schoorstenen van hun woning om schoorsteenbelasting te besparen. Belasting besparen is van alle tijden en dat zal zo blijven. Ik voorspel u dat er de komende tijd nog meer documenten vrij zullen komen. Belasting besparen doet iedereen en overal. Tot en met de zwarte werkster, schilder en tuinman aan toe. Dit laatste is trouwens belastingontduiking.
 
Het grote probleem is, en daarom zijn al die structuren zo succesvol, dat belastingsystemen in de wereld niet zijn geharmoniseerd. In een gesloten wereld, waarbij inwoners zich vooral beperken tot hun eigen land en nauwelijks buiten de landsgrens kijken, is dat niet zo'n probleem. Maar in een open geglobaliseerde, via internet ontsloten wereld is dat anders. Met een paar muisklikken is tegenwoordig te achterhalen wat de belastingtarieven zijn in ongeacht welk land. En als die lager zijn dan in het woonland, kijken bedrijven en vermogende particulieren daar verlekkerd naar. En dan is het vaak een kwestie van tijd of er wordt een structuur op gebouwd.
 
Voor mij is een van de kernvragen hierbij waarom bedrijven en vermogende particulieren niet van dat gunstigere belastingregime in het buitenland mogen profiteren. Wat is daar mis mee? Voor het land in kwestie is dat gunstige belastingregime kennelijk acceptabel en dat maakt dat land toch vooral zelf uit, zou ik zeggen. Wij willen toch ook niet dat een buitenlandse mogendheid bij ons het fiscale stelsel komt dicteren. De hertog van Alva heeft dat in de zestiende eeuw al een keer geprobeerd en we weten hoe dat is afgelopen. In het EU-recht noemen we dit soort verschillen tussen belastingstelsels een dispariteit en dat is niet in strijd met het EU-recht. Uiteraard moet het daarbij wel gaan om reële structuren en niet om brievenbusmaatschappijen maar elk land heeft voldoende mogelijkheden om brievenbusmaatschappijen te bestrijden, veelal aan de hand van substance-regels. Nederland hanteert die regels ook en die zijn internationaal in EU- en OESO-verband geaccepteerd. Dus blijft mijn vraag: wat is er mis mee als bedrijven en vermogende particulieren gebruikmaken van gunstigere belastingregimes in het buitenland? Trouwens, landen zouden er ook lering uit kunnen trekken, want het feit dat bedrijven en vermogende particulieren kennelijk zo massaal gebruikmaken van buitenlandse gunstigere regimes, zou men ook kunnen opvatten als een aanwijzing dat het belastingstelsel in het woonland kennelijk als te zwaar wordt ervaren.
 
Maar de discussie verloopt heel anders. Of het gebruikmaken van buitenlandse gunstigere regimes nu legitiem is of niet, is al lang niet meer relevant. De subtiliteit tussen (geoorloofde) belastingontwijking en (ongeoorloofde) belastingontduiking ontgaat menig journalist en Kamerlid, vooral ter linker zijde. Gelijk staat het bedrijf of de vermogende particulier erop als belastingontduiker. Maar landen hebben wat dit betreft zelf kilo's boter op hun hoofd. Landen steken elkaar namelijk expres de loef af met gunstige fiscale regimes. Om een voorbeeld te geven: elk land heeft tegenwoordig wel een speciaal gunstregime voor patenten, zoals in Nederland de innovatiebox. Dat vinden we inmiddels heel normaal en daarvan gebruikmaken is legitiem en geen belastingontduiking. De Europese Commissie vindt dat ook geen (verboden) staatssteun. Maar de Nederlandse deelnemingsvrijstelling die economische dubbele belastingheffing voorkomt en al vele jaren een wezenlijk onderdeel uitmaakt van ons belastingstelsel, zit in de verdachte hoek. Terwijl de EU-moederdochterrichtlijn hiertoe zelfs verplicht! Of, om een ander voorbeeld te geven, een IB-ondernemer die zijn onderneming om fiscale redenen inbrengt in een BV, vinden we heel normaal. Daarvoor is zelfs een fiscale doorschuiffaciliteit ontworpen! Maar de vermogende particulier die hetzelfde doet met zijn beleggingsvermogen, is opeens een belastingontduiker. Wie dit nog snapt, mag het zeggen.
 
Daarom krijg ik na de berichtgeving over de Paradise Papers afgelopen weekend een déjà vu. En overvalt mij een enorme vermoeidheid. Vooral ook omdat ze over het verleden gaan en dat is al lang niet meer de huidige realiteit. Zucht…
U moet inloggen om te kunnen stemmen op dit artikel.
Gemiddelde (0 Stemmen)
De gemiddelde waardering is 0.0 sterren van de 5.

0 reacties
Nog 1500 karakters
Edwin Heithuis
Prof.dr.mr. E.J.W. (Edwin) Heithuis is hoogleraar fiscale economie aan de Universiteit van Amsterdam. Tevens is hij werkzaam bij BDO Belastingadviseurs als wetenschappelijk adviseur. Meer lezen