Hans Röben doet een oproep aan fiscale hoogleraren om staatssecretaris van Financiën te worden.

‘Vakmanschap is meesterschap. Meesterschap is nog geen vakmanschap.' Kan je zonder juridische kennis Minister van Justitie zijn? Opstelten en Van der Steur waren weliswaar jurist, maar zij struikelden beide over een bonnetje. Eigenlijk struikelden zij over onhandigheid en wellicht pure arrogantie op het door hen geleide ministerie.
 
Kan je zonder fiscale kennis Staatssecretaris van Financiën zijn? De huidige Staatssecretaris van Financiën Wiebes is ingenieur en MBA. Hij heeft geen fiscale achtergrond en dat zet hem als politiek verantwoordelijke voor de Belastingdienst eigenlijk al op achterstand. Wat de wettenmakers op het Ministerie van Financiën produceren, is voor deskundigen dikwijls al nauwelijks te volgen, laat staan voor een staatssecretaris zonder fiscale roots. Meteen bij zijn aantreden, nu twee jaar geleden, was Wiebes zo slim om de problemen bij de Belastingdienst snel te benoemen. Hij waarschuwde toen al voor wetgeving die vanwege de bij de fiscus tekortschietende ICT niet zou kunnen worden uitgevoerd. De staatssecretaris lijkt mij slim genoeg om niet te struikelen over een bonnetje. Maar een bom van het kaliber van het rapport van het Commissie onderzoek Belastingdienst, dat is andere koek. Misschien had Wiebes bij de te ruime vertrekregeling beter moeten opletten, maar de organisatorische problemen zijn natuurlijk al van lang vóór zijn aantreden.
 
In het verleden waren fiscalisten als Hofstra, Nooteboom, Koning en Vermeend niet alleen gezaghebbend bewindspersoon, maar tevens kenner van de fiscaliteit én van de fiscale wereld. Zij zorgden tijdens hun regime voor belangrijke fiscale wetgeving. Enkelen waren ook fiscaal hoogleraar. De laatste 15 jaar zijn we in de Nederlandse fiscale wereld niet verwend met bewindslieden die zelf veel verstand van belastingen hadden. De enige die echt opviel, maar dan in negatieve zin, was staatssecretaris Wijn van het kabinet Balkenende II. In een overmoedige bui deed hij de Belastingdienst in de aanbieding voor de uitvoering van de toeslagen. Sindsdien is er minder tijd voor echte (dus verticale) controle van aangiften en boekenonderzoeken. De panacee van het horizontaal toezicht en het stiekem verschuiven van de verantwoordelijkheid voor juiste belastingheffing naar de adviseurs kan dat niet verbloemen.
 
Regering en parlement hebben tot taak wetgeving te maken. Opvolgende bewindslieden hebben te weinig weerwerk geleverd tegen de vele wensen uit het parlement. Naast betere leiding van de Belastingdienst hebben we nu meer dan ooit een bewindspersoon nodig die de fiscaliteit kent. Iemand die met ideeën komt die vooral gaan over een meer eenvoudige belastingheffing. De vereenvoudigingsvoorstellen van de commissies Van Weeghel (2010) en Van Dijkhuizen (2013) liggen er nog. Daar is niets mee gedaan.
 
Meesterschap kan ook vakmanschap inhouden. Dus, fiscale hoogleraren, wie van U neemt de uitdaging aan en wordt de nieuwe Staatssecretaris van Financiën? Uw naam kan voor eeuwig in één adem worden genoemd met een herziening en vereenvoudiging van het belastingstelsel.
 

 

Informatiesoort: Uitvergroot

Rubriek: Belastingrecht algemeen

11

Gerelateerde artikelen