In de komende jaren wordt waarschijnlijk een flink aantal belastingverdragen aangepast. De aanpassingen zijn het gevolg van het multilateraal instrument (hierna: MLI) dat door de OESO ontwikkeld is.
De OESO heeft maatregelen voorgesteld die winstverschuiving tussen gelieerde ondernemingen en grondslagerosie aanpakken. De OESO wil dat een deel van deze maatregelen wordt opgenomen in belastingverdragen. Aanpassing van verdragen kost veel tijd. Met MLI kunnen verdragen op efficiënte en flexibele wijze worden aangepast. 
 
MLI formuleert bepalingen ter bestrijding van winstverschuiving en grondslagerosie. De bepalingen betreffen onder andere: 
  • algemene antimisbruikmaatregel;
  • hybride mismatches;
  • kunstmatige ontwijking van vaste inrichting;
  • efficiënte geschillenregeling.
Bij de algemene misbruikmaatregel moet worden beoordeeld of het bereiken van een verdragsvoordeel het belangrijkste motief voor een gekozen structuur of transactie is. Is dat, rekening houdend met alle feiten en omstandigheden het geval, dan wordt het beoogde verdragsvoordeel geweigerd.
 
Bij sommige bepalingen, zoals bij kunstmatige ontwijking van vaste inrichting, zijn varianten opgenomen waaruit landen kunnen kiezen.
 
De naar verwachting circa 90 deelnemende landen moeten aangeven welke belastingverdragen onder MLI worden gebracht (notificeren bij de OESO) en voor welke bepalingen zij kiezen. De gemaakte keuzen worden geratificeerd door het parlement van het betreffende land. Als twee landen die een belastingverdrag met elkaar hebben gesloten, beide het belastingverdrag notificeren, beide dezelfde keuze(n) maken en beide MLI ratificeren, is hun belastingverdrag hiermee aangepast.
 
Nederland heeft 84 belastingverdragen genotificeerd en zal MLI en de gemaakte keuzen waarschijnlijk in 2018 ratificeren. De verwachting is hiermee dat komende jaren een flink aantal belastingverdragen wordt aangepast. 
 
 

Bron: Baker Tilly Berk

Informatiesoort: Nieuws

Rubriek: Internationaal belastingrecht

2

Gerelateerde artikelen