Rechtbank Den Haag oordeelt dat X' vervreemdingsvoordeel volledig in Nederland belastbaar is. X is geen inwoner van de Verenigde Staten.

X verkoopt zijn aandelen in een Nederlandse vennootschap voor € 6 miljoen aan een BV. De aandelen in deze BV zijn via persoonlijke vennootschappen in het bezit van zijn drie kinderen. De vervreemding van de aandelen kwalificeert als een schenking van X aan zijn kinderen. De schenking bestaat uit het verschil tussen de WEV van de aandelen en de overdrachtsprijs van € 6 miljoen. X doet aangifte IB/PVV 2017 via een M-biljet en claimt daarin een bedrag aftrek elders belast ter grootte van het vervreemdingsvoordeel uit aanmerkelijk belang van € 28.463.698. X stelt zich daarbij op het standpunt dat hij tot en met 26 juni 2017 in de Verenigde Staten woonde en op 27 juni 2017 naar Nederland is geëmigreerd. Bij het opleggen van de aanslag corrigeert de inspecteur het vervreemdingsvoordeel. Het standpunt van X, dat het vervreemdingsvoordeel niet is belast in Nederland, wordt door de inspecteur niet gevolgd. Hij weigert daarom de geclaimde aftrek elders belast. X gaat bezwaar en beroep. In de schenkbelasting wordt later een compromis bereikt, waarbij de WEV van de aandelen wordt vastgesteld op € 31.265.000. In beroep is in geschil of Nederland het vervreemdingsvoordeel mag belasten.

Rechtbank Den Haag oordeelt dat X niet aannemelijk maakt dat hij in 2017 voldoet aan de substantial presence test. De door X overgelegde jaarkalenders en creditcardafschriften bieden onvoldoende bewijs voor zijn fysieke aanwezigheid in de Verenigde Staten. De gegevens op de jaarkalenders zijn niet consistent met andere bewijsmiddelen en de creditcardafschriften sluiten niet uit dat iemand anders de betalingen heeft gedaan. Daarom concludeert de rechtbank dat X niet als inwoner van de Verenigde Staten kan worden aangemerkt en Nederland het vervreemdingsvoordeel terecht heeft belast. De aanslag IB/PVV 2017 wordt verminderd tot een vervreemdingsvoordeel van € 31.228.698, conform het compromis in de schenkbelasting.

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Wet inkomstenbelasting 2001 7.1

Wet inkomstenbelasting 2001 2.1

Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Staten van Amerika tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen 14

Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Staten van Amerika tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen 4

Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Staten van Amerika tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen 1

Instantie: Rechtbank Den Haag

Rubriek: Internationaal belastingrecht, Inkomstenbelasting

Editie: 28 februari

Informatiesoort: VN Vandaag

17

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen