Hof 's-Hertogenbosch oordeelt dat X niet het vermoeden heeft ontzenuwd dat hij bij de hennepkweek betrokken is geweest. De schatting van de inspecteur is niet redelijk, omdat aannemelijk is dat de eigenaar van de box er ook bij was betrokken.
X huurt een garagebox, waarin op 21 februari 2019 een hennepkwekerij is aangetroffen. X betaalde € 400 per maand voor de box, die hij naar eigen zeggen deels voor € 150 had onderverhuurd. De strafzaak en de ontnemingszaak tegen X zijn vanwege de lange tijdsduur in 2023 geseponeerd. In geschil is de IB-navorderingsaanslag over 2018. Volgens Rechtbank Zeeland-West-Brabant is de schatting dat X met de hennepkweek € 58.246 als resultaat uit overige werkzaamheden heeft genoten niet onredelijk. X gaat in hoger beroep.
Hof 's-Hertogenbosch oordeelt dat X niet het vermoeden heeft ontzenuwd dat hij bij de hennepkweek betrokken is geweest. Gelet op de omstandigheden is aannemelijk dat X wist of zich ervan bewust was dat door het niet aangeven van inkomsten een aanzienlijk bedrag aan verschuldigde belasting niet zou worden geheven, zodat de bewijslast wordt omgekeerd en verzwaard. De schatting van de inspecteur is echter niet redelijk, omdat aannemelijk is dat de eigenaar van de box ook betrokken was bij de hennepkweek. Het benodigde water werd namelijk vanaf zijn woning aangevoerd. In goede justitie wordt het berekende voordeel daarom gehalveerd. De aanslag is voorts niet in strijd met de onschuldpresumptie, omdat het niet doorgaan van de strafzaak geen technisch sepot was (vgl. HR 2 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:958, V-N 2017/28.3).
Wetsartikelen:
Algemene wet inzake rijksbelastingen 27e
Instantie: Hof 's-Hertogenbosch
Rubriek: Inkomstenbelasting, Strafrecht, Fiscaal bestuurs(proces)recht
Editie: 27 februari
Informatiesoort: VN Vandaag