Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat de Inspecteur terecht alleen een hypothecaire lening als eigenwoningschuld aanmerkt, zodat de eigenwoningrenteaftrek beperkt blijft tot deze lening.

X koopt in 2006 een woning voor € 210.000. X sluit een hypothecaire geldlening van € 255.000. In zijn aangiften IB/PVV 2011, 2012 en 2013 trekt X achtereenvolgens € 20.092 (2011), € 16.278 (2012) en € 15.058 (2013) aan eigenwoningrente af. Deze renteaftrek ziet ook op een aantal andere leningsovereenkomsten. De inspecteur accepteert voor deze jaren alleen de aftrek over de hypothecaire geldlening. In geschil is of dit terecht is.

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat de inspecteur terecht alleen de hypothecaire lening als eigenwoningschuld aanmerkt, zodat de eigenwoningrenteaftrek beperkt blijft tot deze lening. X overlegt geen bewijs waaruit volgt waaraan hij het door hem geleende geld heeft besteed. Dit geldt zowel voor de hypothecaire lening als voor de andere leningen, voor een deel bovendien gesloten door zijn ouders. Door desondanks de hypothecaire lening volledig als eigenwoningschuld aan te merken, is de inspecteur X tegemoet gekomen. X' hoger beroep is ongegrond.

Lees ook het thema Eigenwoningregeling

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Wet inkomstenbelasting 2001 3.119a

Informatiesoort: VN Vandaag

Rubriek: Inkomstenbelasting

Instantie: Hof Arnhem-Leeuwarden

Editie: 14 januari

3

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen