Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt in hoger beroep dat volgens de wettelijke BPM-systematiek gas voorrang heeft, mits die uitstoot in Zweden op de voorgeschreven wijze is gemeten.

X doet BPM-aangifte voor een Volvo V70. Deze komt oorspronkelijk uit Zweden en is via Duitsland naar Nederland geïmporteerd. De auto heeft zowel een benzine- als een gastank. Het Zweedse kenteken vermeldt een CO2-uitstoot voor benzine van 156 g/km en 121 g/km voor gas. In Duitsland is alleen de CO2-uitstoot van benzine geregistreerd, zodat de RDW die heeft overgenomen. Volgens Rechtbank Gelderland moet de CO2-uitstoot van gas worden toegepast en heeft X recht op een teruggaaf. In hoger beroep is niet meer in geschil dat de rechtbank een rekenfout in het nadeel van X heeft gemaakt en dat wegens het overschrijden van de redelijke termijn recht bestaat op een immateriële schadevergoeding van € 500.

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat volgens de wettelijke systematiek gas voorrang heeft, mits die uitstoot op de voorgeschreven wijze is gemeten. De op het Zweedse kenteken vermelde uitstoot is vastgesteld door een bevoegde instantie en kan worden aangemerkt als een goedkeuring waaruit de CO2-uitstoot blijkt. De inspecteur stelt vergeefs dat uitsluitend bij een typegoedkeuring met twee uitstootwaarden de laagste mag worden genomen (vgl. A-G 28 april 2022, 21/02106, V-N 2022/23.13). Het beroep van X is gegrond.

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Uitvoeringsregeling belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992 6

Wet op de belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992 9

Informatiesoort: VN Vandaag

Rubriek: Belastingheffing van motorrijtuigen

Instantie: Hof Arnhem-Leeuwarden

Editie: 7 februari

13

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen